Week 39 (en 40)

In de tekst die we vorige week gelezen hebben benadrukte Sharon Salzberg het belang van het juiste inzicht (zie edele achtvoudige pad), omdat dat richting geeft aan ons handelen. Toevallig kwam dit zelfde punt in de uitzending van Tegenlicht afgelopen zondag (https://www.npostart.nl/VPWON_1295415) ook ter sprake.

Damiaan Denys (filosoof, psychiater en neuro-wetenschapper) zei: ‘De wereld is een uitdrukking van het collectief van de mensen. Wij kijken naar de wereld vanuit een bepaalde blik en creëren daarmee voor een groot stuk de wereld. De wereld is niet iets waar wij passief tegenover staan, maar wat wij iedere dag actief maken.’ Door de manier waarop we naar de wereld kijken, geven we mede vorm aan die wereld. Het is dus belangrijk om ons bewust te zijn hoe we kijken. We worden uiteraard beïnvloed door mensen om ons heen en de media, maar ook door onze eigen angsten of ervaringen die we in het verleden opgedaan hebben. We hoeven daar niet afhankelijk van te zijn. We hebben de vrijheid om onze visie richting te geven. Hoe willen we naar de wereld kijken?

Ons blikveld op de wereld is de afgelopen tijd steeds groter geworden. We hebben toegang tot heel veel informatie. Hoe kunnen we er voor zorgen dat we daar niet in verdwalen? De zenoefening geeft daar een mooi antwoord op; door ons te verbinden met de werkelijkheid zoals die zich op dit moment aan ons voor doet. Ook dit punt kwam vorige week in de tekst naar voren.

De werkelijkheid nemen we vooral waar via onze ideeën en meningen. Dat zorgt ervoor dat we afgescheiden zijn, een toeschouwer. In genoemde uitzending werd dat hallucineren genoemd. In het boeddhisme spreken we over het zien van een illusie. We zien de dingen niet zoals ze werkelijk zijn, maar we zien vooral onze eigen ideeën, meningen, oordelen… Door onszelf keer op keer terug te brengen naar de directe waarneming van onze zintuigen, brengen we onszelf terug naar de ervaring en de verbondenheid. We kunnen dat oefenen door bijvoorbeeld geluid op een directe manier waar te nemen. Wat hoor ik echt als ik iets hoor? Bij een directe waarneming vallen we als het ware samen met dat wat we waarnemen. Het volgende gedicht van John Muir (1838-1914) geeft daar uitdrukking aan.

De zon schijnt niet op ons, maar in ons
De rivieren stromen niet langs, maar door ons
De bomen wiegen en de bloemen bloeien in ons lichaam en in onze geest
En ieder lied van de vogel, van de wind en de wilde storm, van de rots uit de berg
is ons eigen lied en zingt van liefde

Opdracht
Probeer deze week eens om geluid echt waar te nemen zoals het is. Wat hoor ik echt?
Onderzoek hoe je naar de wereld kijkt. Hoe zou je naar de wereld willen kijken?

In week 40 hebben we nogmaals gesproken over bovenstaande onderwerpen.